De cijfers van vorig jaar illustreren de ernst van de situatie: van de ruim 2.200 Algerijnen die het bevel kregen om België te verlaten, keerden er slechts 85 daadwerkelijk terug. “Met dit akkoord hebben we heel concrete maatregelen kunnen afsluiten om die terugkeer fors te verhogen”, aldus minister Van Bossuyt.

Een van de belangrijkste doelen van het akkoord is het verlichten van de druk op de Belgische gevangenissen. Momenteel verblijven er 780 Algerijnen – of personen die verklaren dit te zijn – in de gevangenis, van wie er 700 illegaal in het land zijn. Van Bossuyt hoopt dat het akkoord snel door het parlement wordt goedgekeurd, zodat deze groep sneller kan worden gerepatrieerd. “Illegaal verblijf is nog altijd een misdrijf in dit land”, benadrukt Van Bossuyt.

Vier cruciale veranderingen

Het nieuwe akkoord voert vier belangrijke wijzigingen door om het proces te versnellen:

  1. Snellere identificatie: Algerije verbindt zich ertoe om binnen twee weken te bevestigen of iemand de Algerijnse nationaliteit bezit, een proces dat voorheen maanden kon duren.
  2. Langere geldigheidsperiode: De geldigheidsduur van de nodige documenten wordt verlengd van 24 uur naar 30 dagen, waardoor administratieve hindernissen worden weggenomen.
  3. Efficiëntere vluchten: Er kunnen voortaan meerdere mensen tegelijk op één vlucht worden teruggestuurd, en deze vluchten hoeven niet langer rechtstreeks te zijn.
  4. Algerijnse escorteurs: Voor de veiligheid tijdens de vluchten kan België nu ook een beroep doen op Algerijnse escorteurs in plaats van uitsluitend op de federale politie.

De doorbraak kwam er mede dankzij een verbeterde diplomatieke relatie met Algerije, waarvoor Van Bossuyt ook minister van Buitenlandse Zaken Maxime Prévot (Les Engagés) bedankt. In ruil voor de Algerijnse medewerking heeft België een visumvrijstellingsakkoord ondertekend voor Algerijnse houders van een diplomatiek of dienstenpaspoort.

Juridische strijd rond opvang

Naast het Algerije-akkoord reageerde Van Bossuyt op de recente kritiek over het weigeren van opvang aan asielzoekers die al bescherming genieten in een andere EU-lidstaat. Hoewel de Raad van State het systematisch weigeren heeft teruggefloten, stelt de minister dat individueel onderbouwde weigeringen nog steeds mogelijk zijn.

“Ik zoek naar oplossingen die binnen een juridisch kader geldig zijn, en ik leg daarbij op geen enkele manier de rechtspraak naast mij neer”, bevestigt Van Bossuyt. “We moeten het asielshoppen tegengaan, om het misbruik van het sociale systeem te stoppen en de druk op de samenleving te verminderen.”